Klimtijd berekenen

Hoe lang doe je erover naar boven? Bij 200 W en 75 kg kost de Cauberg ongeveer 3 minuten 45, de Keutenberg bijna 6 minuten en Alpe d'Huez een uur en 25 minuten. Vul je eigen cijfers in, met het vermogen voorgevuld op 90% van de FTP uit je profiel, en krijg de tijd, de gemiddelde snelheid, de VAM en het calorieverbruik.

Ken je je vermogen niet? Doe een test in de FTP-calculator en sla de uitslag op in je profiel: dit veld vult zich dan met 90% van je FTP, een gebruikelijk tempo voor een langere klim.

Aannames: handen op de remgrepen (CdA 0,32 m2), rolweerstand 0,005, luchtdichtheid 1,19 kg/m3, rendement van de aandrijving 97,5%, geen wind. Echte tijden kunnen een paar procent afwijken.

Klimtijden voor bekende klimmen (tabel)

De tabel rekent met een fietser van 75 kg op een fiets van 9 kg, windstil, gelijkmatig vermogen. Bovenaan staan de Limburgse en Waalse klimmen die je in een weekend rijdt, onderaan de bergen waar je een vakantie voor boekt. Zoek je vermogenskolom op; weet je je vermogen niet, reken dan met 90% van je FTP voor een klim die langer duurt dan een kwartier.

KLIMTIJDEN, fietser 75 kg + fiets 9 kg, windstil

klim                  lengte   %      150 W     200 W     250 W     300 W
Cauberg               0,8 km   5,8    4:51      3:43      3:02      2:36
Gulperberg            0,7 km   7,0    5:00      3:48      3:05      2:37
Keutenberg            0,8 km   9,5    7:32      5:41      4:35      3:51
Muur van Huy          1,3 km   9,3    12:00     9:03      7:18      6:08
Alpe d'Huez          13,8 km   8,1    1:52:20   1:24:58   1:08:40   57:54
Mont Ventoux         21,5 km   7,5    2:43:19   2:03:44   1:40:13   1:24:43

BIJBEHORENDE VAM (hoogtemeters per uur)
150 W  ->  ongeveer 590-600 m/u
200 W  ->  ongeveer 780-800 m/u
250 W  ->  ongeveer 960-1000 m/u
300 W  ->  ongeveer 1140-1190 m/u

VAM ALS NIVEAU-INDICATIE
tot 700 m/u        recreatief
700-1000 m/u       getrainde amateur
1000-1300 m/u      sterke amateur of clubrijder
1300-1600 m/u      profniveau
boven 1700 m/u     de kop van de Tour op een beslissende klim

Hoe wordt de klimtijd berekend?

Eronder zit de klassieke vermogensvergelijking voor het fietsen, dezelfde die gebruikt wordt om wedstrijdprestaties te modelleren:

P = M x g x v x (sin a + Crr x cos a) + 0,5 x rho x CdA x v^3

P    - vermogen op de pedalen [W]
M    - massa fietser plus fiets [kg]
g    - zwaartekracht, 9,81 m/s^2
a    - hoek van de weg (uit het stijgingspercentage)
Crr  - rolweerstand, aangenomen 0,005
rho  - luchtdichtheid, aangenomen 1,19 kg/m^3
CdA  - frontaal oppervlak, 0,32 m^2 (handen op de remgrepen)
v    - de snelheid die we oplossen [m/s]

VAM [m/u] = hoogtemeters / tijd [uur]

Bron: model van Martin e.a., "Validation of a mathematical model
for road cycling power", Journal of Applied Biomechanics (1998).
Voorbeeld: 75 kg + 9 kg, 5 km op 6% (300 hoogtemeters), 200 W
-> 12,6 km/h, 23 min 50 s, VAM ongeveer 755 m/u, 286 kcal.

Bovenop komt een rendement van de aandrijving van 97,5%, omdat ketting en derailleurs ongeveer 2,5% van je vermogen opeten. De vergelijking laat zich niet met een simpele formule omkeren, dus de snelheid wordt numeriek gevonden met bisectie: de calculator probeert snelheden tot het benodigde vermogen gelijk is aan het vermogen dat je invulde. De tijd is de lengte van de klim gedeeld door die snelheid, de VAM is het hoogteverschil gedeeld door de tijd in uren, en de calorieën volgen uit de vuistregel kJ is ongeveer kcal (een spierrendement van ruwweg 24% dat de omrekenfactor wegstreept).

Merk op hoe anders dit rekent dan op het vlakke. Boven ongeveer 5% gaat meer dan driekwart van je vermogen naar de zwaartekracht, en de luchtweerstand die op een dijk alles bepaalt is bij 10 km/h bijna verdwenen. Daarom telt op een klim je gewicht mee en op het vlakke nauwelijks: haal 10 kg van dezelfde fietser af en op Alpe d'Huez is hij bij 200 W ruim zes minuten sneller boven, terwijl hij op een vlakke rit van 30 km/h vrijwel niets opschiet.

Welk vermogen moet je invullen?

Voor een klim die langer duurt dan een kwartier is 85 tot 95% van je FTP realistisch, en deze calculator stelt 90% voor van de FTP die in je profiel staat. Op een korte muur van een paar minuten, zoals de Keutenberg of de Muur van Huy, kun je flink boven je FTP: 110 tot 120% is voor zo'n klim gewoon. Op een col halverwege een lange dag is 70 tot 80% wijzer, want de benen moeten ook nog naar het hotel. Ken je je FTP nog niet, dan maakt de FTP-calculator er een van je testuitslag, en past de GPX-analyse dezelfde natuurkunde toe op een hele route in plaats van op een enkele klim.

Nog een aandachtspunt dat voor Nederlandse fietsers specifiek geldt: klimmen vraagt een lager verzet dan je thuis nodig hebt. Wie in het vlakke land rijdt met 50/34 en een cassette tot 28 tanden, komt op een col van 9% in de problemen, niet vanwege het vermogen maar vanwege de cadans. Controleer je laagste verzet voor je vertrekt.

Veelgestelde vragen

Wat bepaalt hoe lang een klim duurt?
Boven ongeveer 5% gaat meer dan driekwart van je vermogen naar het overwinnen van de zwaartekracht, dus twee dingen domineren: je vermogen per kilo in W/kg en de lengte van de klim. Luchtweerstand, die op het vlakke de baas is, doet bij 10 tot 12 km/h weinig. Daarom is een lichtere fietser bij hetzelfde absolute vermogen eerder boven.
Hoe lang doe je over de Cauberg?
De Cauberg in Valkenburg is ongeveer 800 meter lang met een gemiddelde van 5,8%, met een steilste stuk rond 12%. Bij 75 kg en 200 W kom je op ongeveer 3 minuten 45, bij 150 W op bijna 5 minuten en bij 300 W op 2 minuten 36. Omdat de klim zo kort is, kun je er ruim boven je FTP rijden: vul dus eerder 110 tot 120% van je FTP in dan 90%.
Wat is VAM bij het fietsen?
VAM (velocità ascensionale media) is je gemiddelde klimsnelheid, uitgedrukt in hoogtemeters per uur. De term is bekend geworden door trainer Michele Ferrari en staat vandaag op Strava en op fietscomputers. Als grove schaal: 800 tot 1000 m/u is een stevige amateur, 1500 m/u een sterke coureur, en de kop van de Tour de France komt op beslissende klimmen boven 1700 tot 1800 m/u. VAM zegt het meest op klimmen boven 7% die langer dan 20 minuten duren.
Kun je in Nederland trainen voor een col?
Grotendeels wel, want een col vraagt vooral het vermogen dat je een half uur tot een uur kunt volhouden, en dat train je even goed tegen de wind in op een dijk als op een helling. Wat je thuis niet oefent, is de cadans van 60 tot 70 omwentelingen per minuut bij een laag verzet, en de warmte. Wie geen helling heeft, kan intervallen tegen de wind rijden of binnen op de rollen klimmen simuleren met een hoog vermogen en een laag toerental.
Hoeveel calorieën kost een klim?
De calorieën volgen uit vermogen en tijd, niet uit het stijgingspercentage: bij 200 W kost elk uur fietsen ongeveer 720 kcal. Alpe d'Huez bij 200 W duurt bijna anderhalf uur en kost dus rond 1000 kcal. Het stijgingspercentage verandert hoe lang je onderweg bent, niet het tempo waarmee je energie verbrandt.
Waarom wijkt de echte tijd af van de berekening?
Het model rekent met een gelijkmatig vermogen, geen wind en een constant stijgingspercentage. In werkelijkheid golft de weg, kan wind tien procent of meer toevoegen of wegnemen, en is het wegdek soms slechter dan aangenomen. Zie de uitkomst als een stevige voorspelling die tot op een paar procent klopt, niet als een stopwatch.
Klopt dit ook voor een e-bike of een beladen tourfiets?
Ja, zolang je het echte totaalgewicht invult en het vermogen dat werkelijk bij de pedalen of het wiel komt. Bij een beladen tourfiets tel je de bagage bij het gewicht van de fiets op. Bij een e-bike tel je het aanhoudende vermogen van de motor bij je eigen vermogen op, waarbij de meeste systemen de ondersteuning rond 25 km/h afbouwen, wat op een klim zelden aan de orde is.